Over de uitvoering van de WWB
14 december 2003
Aan de leden van de commissie Sociale Infrastructuur en de fractievoorzitters
Ons ongenoegen over de wijze waarop de Cliëntenraad SoZA Leiden niet werd betrokken bij de meningsvorming over de uitvoering van de WWB is u (wellicht) bekend; mevrouw (naam) heeft dat ongenoegen niet kunnen wegnemen.(...)
Notitie n.a.v. de raadsconferentie WWB
Eerder heeft de Cliëntenraad al gewezen op de Kaderbrief; deze is integraal opgenomen in de "reader" (nr. 5). Onze uitgangspunten staan daarin ook, maar als aanbevelingen. Ze zijn echter enigszins moeilijk te vinden. In iets andere vorm dan in het boekwerkje afgedrukt luiden ze:
- Zorgvuldigheid, en dus voldoende tijd nemen voor verordeningen, beleidsregels enz.;
- Klantvriendelijke en menswaardige uitvoering van de wet; de menselijke waardigheid mag niet worden vergeten;
- Bijstandsgerechtigde als individu beschouwen en niet op basis van vermeende groepskenmerken beoordelen, goeden mogen niet onder de kwaden lijden;
- Individueel maatwerk bij reïntegratie, daarbij rekening houden met de persoonlijke capaciteiten, mogelijkheden en beperkingen van de bijstandsgerechtigde (het is voor iedereen van belang dat de juiste persoon op de juiste plaats terechtkomt);
- Rechten en plichten moeten met elkaar in evenwicht zijn; met waarborgen voor bijstandsgerechtigden;
- Nadruk op een positieve benadering van de bijstandsgerechtigde en niet op sancties en maatregelen, want met honing is meer te bereiken dan met de stok;
- Zoveel mogelijk het goede van het huidige Leidse beleid handhaven;
- In het belang van de klant de grenzen van de wet opzoeken.
WERK:
Over reïntegratie hebt u eind augustus al een notitie van de Cliëntenraad ontvangen en over arbeidsmarktbeleid kunt u van ons binnenkort een korte notitie verwachten.
Wij zijn van mening dat voor allen, die kunnen en willen, een uiterste inspanning moet worden geleverd, op basis van individueel maatwerk. Wij vinden anderzijds dat aan degenen voor wie het arbeidsmarktperspectief niet realistisch is, geen eisen, zoals sollicitatieplicht, mogen worden gesteld.
Werken met behoud van uitkering
Hierover kan ik kort zijn: het mag niet, tenzij als onderdeel van een in de tijd beperkte stage in het kader van een individueel (!) traject. Staatssecretaris Rutte is hierover altijd zeer duidelijk geweest (hij wil het niet!), zoals te lezen is in o.m. de Memorie van Toelichting bij de WWB, de Nota's n.a.v. de verslagen van beide kamercommissies SZW, de Handelingen van 2e Kamer en zeer recent nog in de Verzamelbrief aan de gemeenten (dec. 2003): "(...) de activiteiten kunnen niet het karakter hebben van een tegenprestatie in de vorm van productieve arbeid voor het ontvangen van een uitkering. (...) Concreet betekent een en ander ondermeer dat de aangeboden werkzaamheden onder de noemer 'werken met behoud van uitkering' altijd vervat moeten zijn in een individuele beschikking. Dit volgt uit de Algemene wet bestuursrecht. (...) Het traject dient (...) zo te zijn vormgegeven dat er geen situatie ontstaat die vergelijkbaar is met een reguliere arbeidsovereenkomst. Zo zullen de activiteiten per definitie tijdelijk moeten zijn, en zich in verschillende opzichten moeten onderscheiden van de werkzaamheden die bijvoorbeeld bij diezelfde werkgever worden verricht in het kader van een dienstbetrekking. Dat kan door zorg te dragen voor een forse component scholing of training of door het formuleren van toetsbare leerdoelen aangevuld met specifieke afspraken over 'arbeidstijden', 'tussenstappen' en/ of bemiddelingsactiviteiten.(...)."
Algemeen geaccepteerde arbeid
Het lijkt weinig zin te hebben om hierover op gemeenteniveau in een kaderstellend debat over te discussiëren aangezien de wet helder is. Arbeidsplichtige bijstandsgerechtigden moeten alle arbeid accepteren; uitzonderingen zijn slechts mogelijk wanneer gewetensbezwaren een rol spelen. De gemeenteraad kan dus eigenlijk geen kaders stellen t.a.v. het al dan niet, of het beperkt, opleggen van de plicht algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden.
Echter, de praktijk is weerbarstig, zoals ook de staatssecretaris beseft, want een expliciet doel van de WWB is duurzame reïntegratie. In de Memorie van Toelichting (MvT), en in de Nota's n.a.v. het verslag van de vaste kamercommissie SZW ("Maatwerk is een centraal uitgangspunt van de WWB") en dat van de commissie SZW van de 1e Kamer legt hij mede daarom de nadruk op het belang van individueel maatwerk bij reïntegratie ("Het principe van maatwerk is veelal een noodzakelijke voorwaarde om een succesvolle inschakeling in arbeid te realiseren."). In de 1e Kamer zei de heer Rutte: "Ook wij hechten zeer aan duurzame arbeid en aan duurzame plaatsing op de arbeidsmarkt. Met de introductie van het begrip 'algemeen geaccepteerde arbeid' wordt niet bedoeld dat aspecten zoals 'duurzaamheid' of 'aansluiten bij' van ondergeschikt belang zijn geworden." Er is dus een conflict tussen enerzijds de plicht algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden en anderzijds individueel maatwerk en duurzame reïntegratie, zoals ook anderen al hebben geconstateerd.
Wethouder Rabbae heeft individueel maatwerk ("geen mensen pesten") en duurzame reïntegratie als uitgangspunten genoemd in diverse fora, bijv. in de Gemeenteraad bij de begrotingsbehandeling. De Cliëntenraad steunt deze uitgangspunten. Voor geslaagde (duurzame) reïntegratie is het voor zowel werkgever, SOZA als de bijstandsgerechtigde van belang dat de juiste persoon op de juiste plaats terechtkomt. Een werkgever heeft niets aan werknemers die niet bij een arbeidsplaats en/of in het team passen, SOZA heeft niets aan reïntegratie van een bijstandsgerechtigde als deze via Ziektewet, WAO en WW weer in de WWB terechtkomt en de belanghebbende is er uiteraard bij gebaat als hij uit een uitkering kan blijven dankzij duurzame reïntegratie. Het is daarom legaal en wenselijk om te streven naar duurzame reïntegratie en daarbij uit te gaan van individueel maatwerk.
Veel langdurig werkzoekenden zijn ouderen (vanaf ca. 45 -50 jr.) die al vrij lang op een bijstandsuitkering zijn aangewezen. Aan hen werd (vrijwel) geen aandacht besteed m.b.t. reïntegratietrajecten, zij werden veelal lange tijd aan hun lot over gelaten. Het zou van grote onrechtvaardigheid getuigen om juist voor deze groep een striktere uitleg van de solliciatieplicht en van het begrip algemeen geaccepteerde arbeid te hanteren, zoals wel wordt bepleit, dan voor anderen. Het gevaar dreigt dan van een onderklasse van werkende en/of psychisch zwaar aangeslagen ouderen. Ook voor deze groep zal individueel maatwerk het uitgangspunt moeten zijn.
Het is wellicht nuttig om in dit verband kort in te gaan om de arbeidsmarktsituatie. Zowel landelijk als in Leiden vormen laagopgeleiden veruit de grootste groep moeilijk plaatsbare werkzoekenden (CWI, CBS, Arbeidsmarktplan Leiden 2004), terwijl er vraag is naar hogeropgeleiden en goed geschoolden. Als hogeropgeleiden de plaats moeten innemen van laagopgeleiden op de arbeidsmarkt vindt dus verdringing plaats met als resultaat dat plaatsing van laagopgeleiden nog veel moeilijker, zo niet permanent onmogelijk, zal worden. Dat kan niet het doel zijn van een arbeidsmarkt- en reïntegratiebeleid. Beter lijkt het de Cliëntenraad om vraag en aanbod zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen en om te investeren in mensen d.m.v. bij- en omscholing.
Wij pleiten er voor om niet uitsluitend de nadruk te leggen bij de aanbodzijde (werkzoekenden) maar om eens ook te kijken naar de rol van de vraagzijde (werkgevers, incl. overheid en daarvan afhankelijke organisaties). Zij zullen er toe moeten worden overgehaald om hun vooroordelen opzij te zetten en om langdurig werkzoekenden en ouderen in dienst te nemen. Als zij echter geen blijk wensen te geven van maatschappelijke verantwoordelijkheid kan men moeilijk al te veel eisen aan de dan kansloze werkzoekenden gaan stellen.
INKOMEN
De Cliëntenraad is uiteraard voor een ruimhartig en rechtvaardig minimabeleid. Een advies hierover van de Cliëntenraad kunt u tegemoet zien. Ook wij beseffen de problemen die een eventuele armoedeval soms kan vormen. Die problemen worden echter zeer overdreven omdat werkzoekenden graag willen werken (mits op een plek die enigszins bij hen past). Verbetering van het inkomen is n.l. geen doorslaggevende reden om weer aan het werk te gaan. "Voor de rationele-keuzetheorie, die veronderstelt dat reïntegratie vooral door financiële prikkels kan worden bevorderd, is geen duidelijke ondersteuning gevonden." (Soc.Cult. Planbureau-publicatie De uitkering van de baan, 2003). Verder doet de armoedeval zich minder vaak voor dan wel eens wordt gedacht.
HANDHAVING
- Wij pleiten voor een zeer zorgvuldige omgang met instrumenten als sancties en maatregelen aangezien er vrijwel geen ruimte is in de inkomenspositie van bijstandsgerechtigden (zie hiervoor ook de aanbevelingen in de Kaderbrief van de LCR en de Sociale Alliantie).
- Sanctieoplegging buiten het strafrecht om bij misdragingen van een cliënt wijzen wij af. Naast het strafrecht kan ook gebruik worden gemaakt van het burgerlijk recht.
- Wie beweringen doet over fraude, zwart werken e.d. zal met bewijzen moeten komen. Wij verzetten ons tegen stigmatisering van bijstandgerechtigden. Uiteraard wijst de Cliëntenraad elke vorm van fraude af.
- De voorlichting aan klanten, met name aan de minder geschoolden, de verwarden en degenen met slechte kennis van het Nederlands (waaronder veel niet-lezers), ziet de Cliëntenraad als een serieus probleem. Het leven wordt steeds ingewikkelder, de voortdurend veranderde regels en voorschriften worden dat eveneens. Wij merken dat sommige mensen het allemaal niet (meer) kunnen begrijpen. In zo'n situatie nemen mensen volkomen te goeder trouw, en vaak op basis van een begrijpelijke logica, een beslissing die ze in grote problemen kan brengen met bijv. SOZA.
- De Cliëntenraad adviseert om geen gebruik te maken van bevoegdheden waarbij bijstandsgerechtigden in hun burgerrechten anders worden behandeld dan de overige burgers. Er dreigt anders een situatie te ontstaan waarbij het recht op zelfbeschikking van deze groep ondergraven wordt (artt. 55 en 57 WWB). Dit betreft o.a. gedwongen behandelingen van medische aard en bijstand in natura.
Ten slotte zou u willen vragen om uw meningen te vormen en uw besluiten te nemen met inachtnemening van enige empathie. Hoe zou u zich zelf voelen wanneer geconfronteerd met de concrete gevolgen van het door u bepaalde beleid?
Hoogachtend,
voorzitter Cliëntenraad SoZA
BIJLAGE: Grondrechten en de Wet werk en bijstand
Toelichting: de raadsconferentie was georganiseerd rond de genoemde drie thema's.
In de Kaderbrief van de Landelijke Cliëntenraad en de Sociale Alliantie is het merendeel van deze punten gedetailleerder uitgewerkt.
http://www.clientenraad-leiden.nl/ - Redactie en vormgeving: Studio ML